Uit de nota's van Medard-Jules Van Den Weghe

 

De Familie De Boeck

 

Hier hebben wij het met een geslacht, dat sinds Keizer Karels tijd onophoudend te Halle verblijft. Echter is de naam ook zeer verspreid in meer gemeenten van 't Brabantsche, onder andere te Dworp, te Lembeek, te Sint-Pieters-Leeuw, te Gooik, en ook buiten Brabant. De naam schrijft De Boeck, de Boucq, De Bouck, De bocq, de bock, de boec, de boucq, de boecq, Du Bouck, De Boucque, Bocx, Boecx, ook De Bouche, sboeckxs en nog op andere manieren. Maria sboecks verschijnt in het jaargebed van Pastoor Coels (1562), als te Halle overleden, in de eerste helft der 16" eeuw.

In de rekeningen der Domeinen van Halle en Quenast nr 9632, over 1538, staat te Halle bekend Anthone le Boucq, die in gemeld jaar aan de weduwe van Sidrachus van Ittre de helft van een huis koopt, gelegen te Halle, buiten de Brusselpoort, en Spanje geheten. Twee jaar later vinden wij hem terug (1540), onder de volgende bewoordingen:
«De Anthone le boucq, dit Carnin, pour l'arrente­ment de la maison despaigne rendue
à nouvelle loy». Er bestaat een adellijk geslacht bekend onder den naam van le boucq de Carnin, meestal verblijvende in de omstreken van Valanciennes. Indien het bewezen ware, dat hogergenaamde Antoonle boucq dit Carnin, een verwante was van Pieter de Bouck, de stamvader van onzen Halleschen tak, dan zouden wij mogen besluiten, dat deze tak werkelijk afstamt van le Boucq de Carin, wat tot heden nog maar waarschijnlijk en niet bewezen is.


Naar gegevens uit de rekening der Domeinen, nr 9674, over 1584, waren Arnold De Boucq en zijn zuster Barbara, kinderen van Pieter bij Barbara De Stryckere (zie aan het begin van dezen boom), kozijn en nicht van Joos De Boucq, huidevetter te Nijvel, die zelf zoon was van Joos de boucq. Zoo komen wij tot het besluit dat Pieter en Joos beiden de zoons van een zelfden vader waren, wellicht de Hallenaar Anthone le Boucq de Carnin.

 

De naam is reeds bekend te Halle in 1358, immers in de baljuwsrekening over dit jaar (nr 15094) vinden wij Gilkin de Bouk. In 1425 vinden wij overigens Pieter le boucq (baljuwsrekening nr 15096). In 1454 vallen onze ogen op Josse le boucq, «pour le vendaige qu'il fait à claux de ghehuchte d'une petite maison gisant à helbecque». (Domeinsrek. nr 9556). Wij besluiten daaruit, dat de De Boeck's, zoo niet de oudste toch een der alleroudste Hallesche geslachten is. Ze zijn zeldzaam, inderdaad, de families wier namen men ongeveer zes eeuwen lang op dezelfde gemeente aantreft.


Wij
vermoeden dat deze geslachtsnaam tot de plantnamen behoort, evenals Verlinde, Popelier, Peerehoom, Eeckhout, Van Eecke Abeels en zoo veel andere. De eerste De Boecks schijnen feitelijk oor­spronkelijk te zijn uit de omstreken van het aloude Halderbosch, waar de beukeboomen niet zeldzaam waren. Wij vinden de gebroeders Jan en Pieter de Boeck, waarvan de eerste in 1583 reeds over­leden was. Zijn vrouw hebben wij niet gevonden, maar hij had niettemin een zoon, evenals hij Jan genaamd, en die te Nijvel hui­devetter was. Pieter de Boeck kennen wij veel beter, vermits hij te Halle woonde en boerde op het Hof te Pypaens, onder Esschenbeek. Hij trad in den echt met Barbara de Stryckere, dochter van Laurens, pachter op Helbeek. In 1574 was Pieter de Boeck reeds overleden evenals zijn echtgenoote. [Naar een akte in perkament, van 26 Januari 1574. (Archief van het Koninkrijk, schepengreffie, nr 9441.)]

 

Wij kennen de zeven kinderen van de Boeck-de Stryckere. Ziehier:

1. Maria de Boucq die gehuwd was met Adriaan Vleminck (waarschijnlijk de genaamde Maria Boeckx, van 1562, hoog er ge­noemd).

2. Pieter de Boucq, waarvan wij weten dat hij geboren is vóór 1542.

3. Joanna de Boucq, die de vrouw was van Mattheus de Mol.
4. Arnold de Boucq,
geboren vóór 1542 en later gehuwd met Clara de Nayer, die naderhand een tweede huwelijk aanging met Jan de Greve, lakenwever. Arnold was de opvolger van zijn vader, als landbouwer op het Hof te Pypaens. (Zie verder A.)

5. Barbara de Boucq, die in 1574 reeds gehuwd was met Hen­drik Gillo (te Halle in 1569). Barbara heeft ook een tweeden echtgenoot gehad, nl. Thiery Wait, landbouwer te Eigenbrakel. In 1600 was Barbara reeds overleden.

6. Joos de Boucq, geboren vóór 1542. Hij trad in het huwelijk met Elisabeth Corbeau. Hij was landbouwer te Dworp, en toen hij zijn echtgenote verloren had, hertrouwde hij met Elisabet Berboult. Elisabet Berboult overleed den 20 Februari 1620, te Halle. [De Berboults behoren ook tot de Hallesche geslachten. Michiel Ber­boult, de schoonvader van Joos De Boucq, en zijn vrouw Anna Berckmans had­den, benevens hun Elisabet, nog vier andere kinderen, te weten: Hans Ber­boult, jong overleden in 1601, eenige dagen na 't afsterven van zijn vader: Jeanneke Berboult, gehuwd met den landbouwer Jan De Nayer te Huizingen; Gielis Bertboult, die gehuwd was met Jenne Gilbode. Hij was zanger in de kerk van Halle; Maria Berboult, die de vrouw was van Pieter Lockenberghe, school­meester te Halle. Lockenberghe en Marie Berboult hadden ook vier kinderen: 1. Catelyne Lockenberghe, geboren in 1555, jonge dochter, woonachtig te Brus­sel in 1606; 2. Melchior Lockenberghe, jonggezel, overleden vóór 1606; 3. Jas­par Lockenberghe, die te München in Duitschland woonde, en bekend stond als muzikant; 4. Barbara Loekenberghe, gehuwd met Egidius Weingarttner, waar­schijnlijk ook een Duitscher]

7. Jan de Boucq, landbouwer te Esschenbeek «demeurant à Hal, lequel tient à cense une maison, chastel, court, cense, appelée la censse d'Esschenbeek, en grandeur avec les terres labourables, près et pastures quarante bonniers deux journels». Dit in 1583. Hij trouwde eerst Maria Courtmans [Schepenboek Halle, nr 3857, blz. 19vo] en vervolgens Elisabet Steenackers, weduwe van Michiel Berboult, die dezes tweede echtgenote was geweest.

Jan de Boucq kocht aan Joos de Bast, landbouwer op de Malheyde, een klein tuintje, in 1604. Hij overleed den 16 Februari 1615, te Halle.

 

A

 

Ziehier de elf kinderen van Arnold de Boucq en Clara De Nayer:

1. Jacob De Boeck, geboren en gedoopt te Halle in 1585. Hij trad in den echt met Clara van Meulebeeck, na eerst gehuwd te zijn geweest met Martina Rombaut, te Halle, op 25 Mei 1610. Van de beide huwelijken waren kinderen. (Zie B.) Jacob De Boeck boerde te Esschenbeek.

2. Gabriel De Boeck, geboren te Halle in 1587, trouwde Willemien Walravens, te Sint-Pieters-Leeuw, op 9 Februari 1618. Hij was brouwer en houtkoopman te Ukkel (Carloo) [Zie M.-J. Van den Weghe. Bijdrage tot de Geschiedenis van Sint-Pieters-Leeuw, blz. 154]

3. Elisabeth De Boeck trouwt 1. Frans De Nayere 2. Frans Heymans. Uit beide huwelijken zijn kinderen gesproten.

4. Geertrui De Boeck, trouwt in 1606, met Antoon Walravens uit Sint-Pieters-Leeuw. Hij boert te Brucom en verwekte bij Geertrui De Boeck de volgende kinderen:

a) Renier Walravens, geboren te Leeuw op 16-12-1606.
b) Gielis Walravens , geboren te Leeuw op 25-6·1609.

Huwt Margriete Schoonheyt.

c) Barbara Walravens, geboren te Leeuw, 24-6-16120, huwt Pieter Collyns, beenhouwer, schepen te Halle. Hij verkoopt, den 7 Juni 1641, een rente aan zijn schoonmoeder, Geertrui De Boeck.
d) Clara Walravens, van 1614, begijntje.
e) Maria Walravens, van 1617, begijntje.
f) Mattheus Walravens, van 1620, pater-recollect
g) Jeanne Walravens, van 1622.

5. Pieter De Boeck, geboren te Halle in 1592, trouwde Maria Heymans. Hij was landbouwer te Lembeek en leefde nog in 1661. Hun dochter was Anna De Boeck.
6. Joos De Boeck,
geboren te Halle, in 1592.
7. Maria De Boeck (Mayken), trouwde Beriel De Mesmaeker
te Halle, in 1618. Bertel was hoefsmid. Hun dochter Martina De Mesmaeker werd geboren in 1627.

8. Mattheus De Boeck zag het licht te Halle. Trad tweemaal
in het huwelijk: a) met Joanna van Obbergen, te Halle, den 19 Mei 1609 ;
b) met Adriana Beeckman, te Halle, 18 Juli 1611. Van het eerste bed kennen wij Jan De Boeck geboren te Halle den 22 April 1610 en van het tweede: Katelyne De Boeck, ook geboren te Halle op 9 November 1612.

9. Arnold De Boeck geboren en overleden te Halle in 1599.
10. Merten De Boeck, geboren te Halle in 1595. Hij treedt in den echt:
1. met Elisabet van Cutsem, te Leeuw, den 5 Mei 1629 ;
2. met Willemien Borremans in 1635. Merten De Boeck was te Halle gezworen landmeter (Zie C)

Hij overleed te Brussel (Zie C.)

11. Joanna De Boeck. Zij trouwde met Bernard De Bast, landbouwer op de Grootheide te Esschenbeek, en naderhand met Gielis Kayart. Uit het eerste huwelijk sproot Katelyne De Bast, die de vrouw werd van Willem Eenens (1665).

 

 

B

 

Kinderen van Jacob De Boeck-Rombaut :

1. Angelus (Engelbert) De Boeck, geb. 1612, die trouwde met Anna Crampon. Hun kinderen waren:

a) Antonia De Boeck, geb. Halle, 1641.
b) Joanna De Boeck, geb. Halle, 1642.
c) Petrus De Boeck, geb. Halle, 1644.
d) Maria De Boeck, geb. Halle, 1648.

2. Elisabet De Boeck, geb. Halle, 1616. Zij trouwde Jacob Moriau, in 1636, boschwachter van 't Halderbosch.
In 1642 was zij weduwe.

3. Maria De Boeck, van 3 Mei 1619. Zij trad in het huwelijk met Remigius Berniers. (1640).

4. Petrus De Boeck, geb. 17-12-1617. Hij werd priester en was in 1670 en 1671, pastoor te Sint-Pieters-Leeuw [Zie onze geschiedenis van Sint-Pieters-Leeuw, blz; 57].

 

Kinderen van denzelfden Jacob De Boeck met Clara Van Meulebeek:

1. Jan De Boeek, geb. Halle, 1620.
2. Geertrui De Boeck, geb. 1621. Zij trouwt met Arthur Van Obbergen.
3. Jacob De Boeck,
geb. 16·5-1624, te Halle.
4. Frans De Boeck, geb. 7-5-1629 te Halle, den 18 Nov. 1645 reeds gehuwd met Marie-Sophie (Zie D).
5. Maria De Boeck, geb. 30 Nov. 1630, te Halle.

N.B. Jacob De Boeck trouwde nog een derde maal met Elisabet Janssens, die reeds weduwe was van Gielis van Slabbeek. Dit geschiedde den 13 November 1638, te Halle.

C

 

Kinderen van den landmeter Merten De Boeck met Elisabet Van Cutsem :

1. Katrien De Boeck, gedoopt te Halle, den 21 Maart 1631. Zij werd de vrouw van Amoldus Herremans, op 25 Januari 1647.
2. Joanna De Boeck, geboren te Halle, 28-2-1633 en later getrouwd met Hendrik Van Dieghem. [Zie Hallensia II, Het Geslacht Van Dieghem, blz.
106 en 108]


Van zijn tweede vrouw Willemien Borremans had Merten De Boeck zeven kinderen, namelijk:

a) Petrus De Boeck, geboren te Halle, 24-5-1637 en op 2 Oogst 1666, gehuwd met Maria Fauconnier. Zij bewoonden het pachthof Te Resteleeuw (Esschenbeek). Het hof te Resteleeuw (ook heerlijkheid van Ronem genoemd), was in 1661 bewoond door Willem Fauconnier, vader van Maria. Door dit huwelijk (De Boeck-Fauconnier), werd Petrus De Boeck, boer op Resteleeuw hof dat hij bewoonde tot op 't einde der 17e eeuw. Daarna trouwde zijn dochter, Marguerite De Boeck, met Antoon Van Diest, die tevens het hof beboerde. (Zie E).

b) Merten De Boeck, geboren Halle, 1639.
c) Barbara De Boeck, geboren Halle, 18-3-1641.
d) Philip De Boeck, van 1643.
e) Renerius De Boeck, van, 1646.
f) Gielis De Boeck, geboren Halle, 17-7-1651. Hij trad in den echt met Anna Willems, te Halle den 10-4-1679. (Zie
F).
g) Corneel De Boeck, geboren te Halle 5-07-1657

 

D

 

Frans De Boeck, verwekte bij Maria Sophie elf kinderen, namelijk:

a) Jacoba De Boeck, van 26 September 1648 (Halle), die Remt Doudelet trouwde.
b)Joanna De Boeck, van 1651. Zij werd begijntje.
c)Theresia De Boeek, geboren te Halle, 9 December 1652. Jong overleden.
d) Theresia De Boeck, geboren 5-6-1654. Zij trouwde Adriaan Paridaens,
chirurgien te Halle, op 15 September 1678, waarvan verscheidene kinderen.
e) Barbara De Boeck,
van 1656.
f) Jaak De Boeck, geboren te Halle den 7 Sept, 1657.
g) Maria De Boeek, van 20 April 1659, in 1685 getrouwd met Laurens Vanderstock.
h) Mattheus De Boeck, van 8 Mei 1661, (Halle).
i) Katrien De Boeck, van 8 Februari 1663.
j) Willem De Boeck, van 1664, jong overleden.
k) Willem De Boeck, van 20 Oct. 1665.

 

E

 

Kinderen van Petrus De Boeck en Maria Fauconnier:

1. Petrus De Boeck, geboren te Halle, den 28 Sept. 1667. Hij woonde
aan de Bergenpoort in de brouwerij geheten La Paix. Den 14 Februari
1700 trouwde hij met Anna De Bast, weduwe van Joos Van Cutsem, die
reeds verscheidene kinderen had, te weten Philips, Elisabet en Christiaen
van Cutsem, enz. De oudste, Philips van Cutsem van 1684, trouwde (zie aanhangsel
I) met Maria van Cotthem van Lembeek in 1713, en later met Maria Paridaens, van Pepingen [Geschiedenis van Sint-Pieters-­Leeuw, blz. 328 en 329]. Petrus De Boeck verwekte bij Anna De Bast een zoon, Niklaas De Boeck, geb. te Halle, den 17 Juli 1701. Anna De Bast overleed den 22 Mei 1722, en Petrus De Boeck hertrouwde met Anna Bonnewyn, op 22 Oct. 1722, waarvan twee kinderen. (Zie verder I).
2. Anna De Boeck, geb. te Halle 13 november 1670
3. Albert De Boeck, geb. te Halle 2 januari 1678
4. Marguerte De Boeck, van 11 mei 1681, Zij trouwde: 1. Antoon Van Diest, landbouwer te Halle,
2. Jan Van der Elst 26-05-1724. Zij woonden op het Hof te Resteleeuw. Marguerite is den 14 december
1758 overleden.
5. Maria De Boeck, geb. te Halle 11 juni 1683
6. Philips De Boeck, geb. te Halle 18-06-1684. Hij trouwt Catrien Claes op 4 april 1712, waarvan Anna
De Boeck, geb. te Halle 15 september 1716, die de vrouw werd van Tilman Van der Stock (17-05-1742)

 

F

 

Gielis De Boeck en Anna Willems hadden vier kinderen:

1. Petrus De Boeck van 2 juni 1681, Halle
2. Willem De Boeck van 4 mei 1683, Halle. Hij trouwde Kateline Neeters op 26 mei 1715
te Halle.
3. Petrus-Cornelis De Boeck, van 30 december 1686, Halle. Hij trouwt Jacoba Hernoes in 1729.
4. Gabriel De Boeck, van 10 mei 1689, Halle

G

 

Kinderen van Willem De Boeck-Neetens, vier:

1. Barbara De Boeck; 14-12-1716, Halle
2. Petrus De Boeck 22-10-1719, Halle
3. Geertrui De Boeck van 15 september 1721, trouwt Gabriel Van de Velde op 25 februari 1759
4. Gabriel De Boeck van 5 april 1725, Halle

 

H

 

Petrus-Cornelius De Boeck had bij Jacoba Hernoes [Jacoba Hernous was weduwe van Willem Stoppie, waarvan reeds Cecilia Stoppie] zeven kinderen, te weten:

a) Petrus De Boucq (sic), geboren te Halle 28 augustus 1730
b) Jan de Boucq,
(sic), geb. Halle, 30 Juli 1732.
c) Catrien De Boeck,
geb. Halle, 21 Oogst 1733.
d) Maria-Francisca De Boeck,
geb. 1735, overl. te Halle als jonge dochter, 9 Dec. 1809.
e) Carola De Boeck,
geb. 22 Feb. 1738.
f) Willem De Boeck,
geb. Halle, 22 Oogst 1739. Bakker. Te Halle als jonggezel overleden, 13 Oct 1810.
g) Maria-Anna De Boeck, geb. 7 oct. 1742. Jonge docheter, overl. te Halle 1721.

 

I

 

Kinderen van Petrus De Boeck en Anna Bonnewyn, twee:

1. Jan De Boeck, geb, te Halle, den 5 Feb. 1724. Hij huwde te Halle, den 3 Mei 1742, Sabina Van der Perre, dochter van N. Van der Perre en Christina Van Cottom (Zie J)
2. Pieternelle De Boeck,
geb. te Halle, den 20 Feb. 1726.

N.B. - Het was Jan De Boeck-Bonnewyn, die, bij akte van 19 October 1753, vanwege den hertog van Arenberg, de gunst bekwam om een putter of schepper (puisoir) te mogen stellen, die zou dienen om water te nemen uit de Grobbegracht, ten nutte zijner brouwerij La Paix, die thans nog de brouwerij De Boeck is. Daar­door was De Boeck jaarlijks een vetten kapuin verschuldigd aan den hertog [Le comptable renseigne un chappon reconnu au livre censal de Hal, fol. 143, à la charge de Jean De Boeck, pour un puisoir, que celui-ci a placé sur le rieu dit groubbegracht, derrière sa maison nommé la Paix, sise hors la por­te de Mons de cette ville, en conformité de l'acte d'arrentement servi au compte de l'an 1764(Rek. H. van Arenberg, nr 2347)]
Zulke waterleidingen werden vroeger ook elders toegestaan, want Willem De Bruyne had er een bekomen in 1664, dus bijna honderd jaar vroeger, die van de Zenne, aan de molens, naar de brouwerij van den Gouden Arend (brasserie de l' Aigle d'or) liep. De Gouden Arend bevond zich in de Bergenstraat [Zie daarover J. POSSOZ A travers les rues de Hal. Gedenkschr. Oudh. Kring, nr 8, blz. 213. De nota betrekkelijk Willem De Bryne en zijn brouwerij komt uit de rekening van den Hertog van Arenberg, (Koninklijk Archief, n" 2247, over 1664)]

De heren De Boeck gebruiken thans dit water niet meer, doch in geval van nood zouden zij er weleens kunnen gebruik van maken, want alles bestaat er nog.

In 1836, toen de heer en Van Volsem, stokers, hun suikerfa­briek opstelden, ontstond er een misverstand tussen hen en de heer Felix-Leopold De Boeck, Jans kleinzoon. De Van Volsems had­den de Grobbegracht overwelfd en waren bezig met er een suiker fabriek op te richten, die door stoomkracht zou bewogen worden. Ook de heer Nerinckx, zoutzieder, kwam aangelopen en deed klachten. Wat meer is, de heer Emanuel De Coster, ontvanger van den hertog, schreef den volgenden brief :

« Je m'oppose à la construction et à l'établissement des usines de monsieur Van Volsem, sur le ruisseau du Groubbegracht et ce pour autant que par ces constructions les eaux du dit ruisseau qui sant des dépendances du Bassin des moulins de Hal, appartenant au duc d'Arenberg, viendraient à être détournées ou absorbées au préjudice des mêmes moulins, dont les eaux sant déjà insuffisantes aux be­soins publics. Réservant pour son principal tous droits et action à faire valoir en temps et lieu. »

De Vanvolsems beloofden veel voorzichtigheid, grote netheid en legden feitelijk veel zorg aan den dag. Zoo liet men ze voortwerken. Doch er werd beslist, dat in geval van gegronde klachten, de eigenaars van de suikerfabriek alles zouden regelen à leurs frais [Register der beraadslagingen, Gemeenteraad Halle, Nr 156 (7 juni 1836)]

 

Kroost van Jan De Boeck en Sabina Van der Perre:

1. Maria De Boeck, geb. te Halle, 7 Mei 1742.
2. Petrus-Jozef De Boeck, geb. te Halle 2 Maart 1743. Trouwt Maria-Jozefa Claes, te Lembeek.
3. Jan De Boeck, geb. te Halle, 4 oct. 1745.
4. Maria De Boeck,
geb. te Halle, 20 oct. 1748
5. Anna De Boeck, geb. te Halle, 22 Nov. 1750. Zij trouwt met Niklaas Delwarde, te Halle, den 28 OcL 1771.
6. Lucas De Boeck, geb. te Halle, 17 Mei 1753.
7. Petrus De Boeck, geb. te Halle, 19 Juli 1759. Hij was brouwer en landbouwer en ging het huwelijk aan met Maria-Theresia-Coleta, dochter van Corneel de Vleminck en Maria Anna Fievetz. Petrus overleed te Halle in 1828.
8. Albert De Boeck, geb. te Halle, 5 Maart 1767.
9. Philippina De Boeck, van 1756 (24 Mei), jong overleden
10. Jacob-Jan De Boeck, geb. te Halle, 2 Febr. 1762. In huwelijk met Joanna Van den Berghe, (te Halle, 16 Nov. 1789). Hij was stoker te Lembeek.
11. Philippina De Boeck, van Sept., 1764.
12. Catrien De Boeck, geb. te Halle in 1770. In 1795 gehuwd met Leopold Van Lier, mulder op de Molenborre te Halle, Catrien stierf in 1805 en Leopold Van Lier hertrouwde met
lsabella Crokaert, op 15 Januari 1806. Deze was de dochter van Joos Crokaert en Jenne-Maria Nerinckx [Zie geschiedenis van Sint-Pieters-Leeuw, blz. 234-235]. Uit het eerste huwelijk bleef Paulina Van Lier, geb. te Halle, in 1801 [Voor de kinderen van Leopold Van Lier-Crokaert, zie onze geschiedenis van Lot, blz. 127]